Visie dok architecten
1. Op welke manier sluit het gebouw aan op de omgeving?
2. Hoe gaat het gebouw mensen verrassen, verleiden en verrijken?
3. Hoe krijgt het gebouw uitstraling en wordt het uitnodigend?
4. Hoe wordt het gebouw benaderd door de bezoekers en bewoners?(bereikbaarheid gebouw)
5. Hoe ontstaat synergie tussen de verschillende instellingen en functies in het gebouw?
6. Hoe vindt de afhandeling van de vele publieksstromen plaats?
7. Hoe wordt omgegaan met duurzaamheid?
8. Hoe wordt de functie ‘wonen’ ingevuld in het gebouw?
1. Hoe sluit het gebouw aan bij de omgeving?
Dit gebouw wordt de nieuwe centraal gelegen ontmoetingsplek. Waar mensen, geschiedenis, water en groen de hoofdrol spelen. In het park voor het gebouw nodigen de welvingen in het gras uit er op te zitten of te liggen. In een vloeiende beweging loopt het groen door naar de wintertuin in het hart van het gebouw en naar de balkons en daktuinen van de bewoners. Het gebouw is groot, een icoon, maar kleinschalig in zijn gevelopbouw. Met deze menselijke maat vindt het aansluiting bij de oude stad. Park, lage kade, terrasjes, vriendelijke en bijzondere gevels. Alles wat Utrecht is.
2. Hoe gaat het gebouw de mensen verrassen/verleiden/verrijken?
Dok architecten hield een enquete in Utrecht over het nieuwe gebouw en begon op basis daarvan te schetsen. Dit gebouw is niet weer een grijs ‘blok’, maar is organisch en kleurrijk. Met een verrassende wintertuin binnenin. Het heeft een eigen karakter, zonder schreeuwerig te zijn. Een plek waar ontmoeten, ontspanning, cultuur, kennis en wonen centraal staan. Er zijn onder meer een filmhuis en een moderne bibliotheek, waar de boeken, tijdschriften en kranten zijn gepresenteerd als in een warenhuis. De bedrijvigheid binnen kun je van buiten al een beetje zien. Zeker ‘s avonds als het licht uitnodigend schijnt.
3. Hoe krijgt het gebouw uitstraling en wordt het uitnodigend?
Aan elke zijde vormt de opengewerkte gevel een vriendelijk gezicht. Van buiten vang je al een glimp op van het groen en de kleurenpracht binnen. Het is geen hard en anoniem gebouw, maar het is vriendelijk, zacht en uitnodigend. Het maakt nieuwsgierig om er naar binnen te gaan. Om je vrienden te ontmoeten in de centrale wintertuin. Je te laten vermaken of juist actief bezig te zijn. Het is een plek waar voor iedereen wat te halen valt. Binnen is er groen en veel daglicht. Kleurrijke meubels zorgen voor een prettige atmosfeer. ‘Spreken we straks af bij Bloom’?
4. Hoe wordt het gebouw benaderd door de bezoekers en bewoners?
Vanuit alle richtingen is het gebouw benaderbaar.
Wandelend uit het park, langs de OV-helling, van de kant van de Leidsche Rijn. Het feit dat het openbaar vervoer door het gebouw heen gaat is aangegrepen om een gebouw te maken waar letterlijk beweging in zit. De helling leidt de bezoekers naar binnen, naar een gebouw dat zelf een verbinding is. Alle wegen leiden naar het centrale punt: de wintertuin. De bewoners kunnen gebruik maken van de publieke entrees en hebben ook een eigen ingang aan het park. Die door middel van een Oranjerie een vriendelijke en veilige uitstraling heeft.
5. Hoe ontstaat synergie tussen de verschillende functies en instellingen binnen het gebouw?
De synergie tussen de verschillende instellingen schuilt in de gemeenschappelijke ruimtes, zoals de entree, de cafés en bovenal in het hart van gebouw: de wintertuin. Dit is de plek voor ontmoeting en bijeenkomsten, de plek waar je na het inleveren van de dat prachtige boek de gelijknamige film kunt bezoeken.
Op de vierde verdieping gaat de bibliotheek op een vloeiende manier over in het filmhuis. Daar is ook ruimte voor kantoortuinen voor beide instellingen. De grote zaal van het filmhuis en het café boven in de wintertuin kunnen ook door de bibliotheek gebruikt worden.
6. Hoe vindt de afhandeling van de vele publieksstromen plaats?
Logistiek gezien is dit een bouwwerk waar bewoners en bezoekers zich naast en door elkaar bewegen. De oplossing om al deze stromen in goede banen te leiden schuilt in de centrale ruimte die alles verbindt. Iedereen komt binnen via de royale wintertuin. De bibliotheek is van daar uit direct toegankelijk. Via de magistrale trap kan je naar het filmhuis of het ‘Spoorcafé’. De derde verdieping kan dusgewenst ook het UCK huisvesten. Voor snelle doorsteekjes naar de verschillende verdiepingen binnen de bibliotheek zijn er kleinere trappen. Twee centrale kolommen in het gebouw herbergen de liften en maakt zo alle verdiepingen toegankelijk.
7. Hoe wordt omgegaan met duurzaamheid?
In ‘Bloom’ zullen de nieuwste technieken worden toegepast met betrekking tot duurzaamheid. Het is een flexibel gebouw, dat op lange termijn zo nodig van functie kan veranderen. De wintertuin zorgt voor een natuurlijke lichtinval en een gezond binnenklimaat. Ook de energiebesparende techniek van betonkernactivering zorgt voor een comfortabel klimaat. Op de dakrand bij de woningen zijn er zonnecellen, gericht op het zuiden. Dezelfde dakrand wordt ook als daktuin gebruikt, waardoor regenwater langer vastgehouden wordt in het gebouw en zo als koeling dient.
Warmte en koude van het gebouw worden opgespaard in ondergrondse reservoirs, om zonodig het gebouw te verwarmen of te koelen.
8. Hoe wordt de functie ‘wonen’ vormgegeven in het gebouw?
Wonen bovenin het gebouw is de kroon op het werk. Iedere woning heeft een eigen buitenruimte, verscholen achter een stenen bladerdek. Daaraan ontleent ons plan de naam ‘Bloom’. Het wijde uitzicht geeft vrijheid en tegelijkertijd een stads gevoel. Bewoners vinden rust op hun eigen balkon of daktuin, terwijl het tumult en vermaak slechts een paar verdiepingen lager huizen. Het zijn bijzondere woningen: schakelwoningen, bestaande uit units, die naar wens te combineren zijn. Zo kunnen zij meegroeien met veranderende behoeftes van de bewoners.
Uiteindelijk vormen alle functies samen een culturele mix in een gebouw dat zich laat lezen als een ‘Bloom’.
